Henk van der Vink

Uit Pareltaal
Ga naar: navigatie, zoeken


Henk van der Vink is 67 en woont in een oude dijkwoning aan de Koetsdijk in Amerongen. Henk is al vijf jaar met de VUT. Hij heeft daarvoor 20 jaar gewerkt voor de provincie Utrecht als dijkbewaker.

Henk kent de meeste dijken, en hun sterke en zwakke plekken, als zijn broekzak. Tijdens de vele tochten langs de dijken raakte Henk meer en meer geïnteresseerd in de historie van de dijken. Het ontstaan, de veranderingen, overstromingen, cultuur, bevolking en huisvesting langs de dijk boeit en de notities die hij maakt stopt hij in zijn nepleren bill-fold, achter de foto's van zijn vrouw Ina en zijn kleinkinderen. Ook kwam hij veel historische gebouwen en woningen tegen tijdens zijn werk. Naast zijn interesse voor dijken, verzamelt Henk alle soorten patchwork.

Veel jongeren zien Henk als een wandelende encyclopedie voor dijken en kloppen vaak bij hem aan. Henk wordt ook nog regelmatig gevraagd een praatje te houden over zijn ervaringen op het Utrechts Archief. Een paar keer per jaar schrijft hij een artikeltje voor het Utrechts Nieuwsblad.

Sinds kort gebruikt hij een Windows computer. Een krijgertje van zijn kleinzoon. Zijn kleinzoon heeft de computer ook aangesloten op het internet. Henk kan er ondertussen redelijk mee overweg. Outlook en Internet Explorer zijn de primaire instrumenten. Henk voelt zich tegelijkertijd rijk en onmachtig, soms zelfs gefrustreerd. Zo'n computer is toch behoorlijk indrukwekkend en doet niet altijd wat hij verwacht. Henk belt daardoor tenminste een keer per week met zijn kleinzoon met wat eenvoudige computergerelateerde vragen.

Henk wil de komende jaren een overzicht maken van zijn ervaringen, compleet met foto's, relevante verwijzingen naar archieven, commentaren en publikaties die hij over de afgelopen tientallen jaren verzameld heeft. Hij ziet dit als een boeiende en belangrijke missie om zodoende een stukje erfgoed achter te laten voor het nageslacht. Al was het alleen maar om aan zijn kleinzoon te laten zien dat hij nog met zijn tijd meegaat.

Hij vraagt zich af of de computer het instrument voor zijn missie is, of hij het voldoende in de vingers kan krijgen. Hij vind het geen probleem zijn kleinzoon te bellen, maar als hij zijn ex-collega's moet vragen voelt hij zich niet zo prettig.